Citaat | Hoge Raad 21 april 2020

Onder 2.3.1 Hoge Raad 21 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 21 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:673.

“Hij, die wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk maakt op eens anders persoonlijke levenssfeer met het oogmerk die ander te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden dan wel vrees aan te jagen wordt, als schuldig aan belaging, gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of een geldboete van de vierde categorie.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/90bfd274ebde671e3ef7a9eaa617faaf591554d5a65520282839d85504c66ded. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 90bfd274ebde671e3ef7a9eaa617faaf591554d5a65520282839d85504c66ded, en de alinea staat in dat document op bytes 15457 tot 15819.