Citaat | Hoge Raad 17 april 2020
Onder 2.4.2 Hoge Raad 17 april 2020
Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:717.
[eisers] zijn geslaagd in het bewijs dat [verweerster] , hoewel zij sinds de ondertekening van de (hiervoor in 2.1 onder (iii) bedoelde) overeenkomst niet langer makelaar van [A] was, zich vanaf juli 2011 bij de onderhandelingen met [E] , dan wel [eisers] , is blijven presenteren als makelaar voor [A] en dat zij het heeft doen voorkomen dat zij enkel omdat [A] geen financieringsconstructie wilde accepteren, bereid was om zelf het pand te kopen en dit vervolgens zelf met een dergelijke constructie aan [E] te verkopen. (rov. 6.2.1)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b5aeb72b8c9a89baa470d90825154df96c20b4769be9acb3d0fc9cdd002ee6a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b5aeb72b8c9a89baa470d90825154df96c20b4769be9acb3d0fc9cdd002ee6a1, en de alinea staat in dat document op bytes 22016 tot 22578.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b5aeb72b8c9a89baa470d90825154df96c20b4769be9acb3d0fc9cdd002ee6a1 | shasum -a 256