Citaat | Hoge Raad 17 april 2020
Onder 3.3.1 Hoge Raad 17 april 2020
Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:717.
Onderdeel 2.5 klaagt in de kern dat onbegrijpelijk is dat het hof (in rov. 6.4.3 van het eindarrest), naar aanleiding van het op art. 6:248 lid 2 BW berustende verweer van [eisers] , oordeelt dat [eisers] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de helft van het restant van de koopprijs, hoewel het hof [eisers] geslaagd acht in het bewijs van hun stelling dat [verweerster] [eisers] tot het aangaan van de akte heeft bewogen met een bewust onjuiste voorstelling van zaken over de gegoedheid van [D] als huurder van het pand en over de hoedanigheid en het financiële belang van [verweerster] bij de verkoop van het pand.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b5aeb72b8c9a89baa470d90825154df96c20b4769be9acb3d0fc9cdd002ee6a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b5aeb72b8c9a89baa470d90825154df96c20b4769be9acb3d0fc9cdd002ee6a1, en de alinea staat in dat document op bytes 29743 tot 30372.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b5aeb72b8c9a89baa470d90825154df96c20b4769be9acb3d0fc9cdd002ee6a1 | shasum -a 256