Citaat | Hoge Raad 17 april 2020

Onder 3.5.2 Hoge Raad 17 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:726.

Voor zover de beslissing van het hof erop is gebaseerd dat het bewijs waarop het aanbod van [eisers] ziet, niet tot een ander oordeel kan leiden, is zijn oordeel eveneens onbegrijpelijk. Dat het bewijsaanbod terzake dienend is, volgt reeds uit de omstandigheid dat het betrekking heeft op een feitelijke stelling die dragend is geweest voor het oordeel van het hof. Een bewijsaanbod mag voorts niet worden gepasseerd op grond van een prognose van het resultaat van (tegen)bewijslevering die nog niet heeft plaatsgevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa7137bb0e717e321fd74017feaa405333e88487051aac8a460fc5833c073515. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa7137bb0e717e321fd74017feaa405333e88487051aac8a460fc5833c073515, en de alinea staat in dat document op bytes 27269 tot 27867.