Citaat | Hoge Raad 17 april 2020
Onder 2.3.2 Hoge Raad 17 april 2020
Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:751.
Op grond van art. 1:441 lid 1 BW vertegenwoordigt de beschermingsbewindvoerder bij de vervulling van zijn taak de rechthebbende in en buiten rechte. [verzoekster] is dan ook, zolang haar goederen onder bewind staan, niet bevoegd om te procederen in zaken aangaande haar vermogen. [verzoekster] is daarom niet-ontvankelijk. (rov. 4.2)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3b6f77b3ecee514c98e75a49649f47a9dc93801c8438961fa42a72f7aab2ef40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3b6f77b3ecee514c98e75a49649f47a9dc93801c8438961fa42a72f7aab2ef40, en de alinea staat in dat document op bytes 13521 tot 13867.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3b6f77b3ecee514c98e75a49649f47a9dc93801c8438961fa42a72f7aab2ef40 | shasum -a 256