Citaat | Hoge Raad 24 april 2020

Onder 3.2.2 Hoge Raad 24 april 2020

Een alinea uit Hoge Raad 24 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:802.

Onderdeel IIIA keert zich tegen het oordeel in rov. 5.3 dat ook indien de Gemeente moet worden gevolgd in haar standpunt dat de bestaande overeenkomst met Evergreen met ingang van 1 januari 2017 niet is verlengd, dit niet wegneemt dat de door Evergreen in 2017 verrichte behandelingen (van de patiënten x en y) mogen meetellen als ervaring. Volgens het onderdeel heeft het hof daarmee de ervaringseis aldus uitgelegd dat ook specialistische-ggz die niet heeft plaatsgevonden op basis van een referentieopdracht, in het kader van de aanbesteding in aanmerking mag worden genomen. Die uitleg is zonder nadere motivering onbegrijpelijk, nu in de offerteaanvraag en in de bijbehorende nota van inlichtingen als ervaringseis wordt gesteld dat sprake moet zijn van een “referentieopdracht” en van een “contractrelatie ofwel Opdrachtgever”, aldus de klacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a663d5c2c868794afa1be8459a3f1194ec534a361ce8d71460999a838d522aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a663d5c2c868794afa1be8459a3f1194ec534a361ce8d71460999a838d522aa, en de alinea staat in dat document op bytes 21377 tot 22249.