Citaat | Hoge Raad 24 april 2020
Onder 2.6.1 Hoge Raad 24 april 2020
Een alinea uit Hoge Raad 24 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:810.
Op grond van art. 1:88 lid 1 BW behoeft de handelende echtgenoot toestemming van de niet handelende echtgenoot voor bepaalde rechtshandelingen. De ratio van art. 1:88 lid 1 BW is om echtgenoten, in hun belang en dat van het gezin, tegen elkaar te beschermen, onder meer wat betreft het verrichten van rechtshandelingen die kunnen ingrijpen in hun financiële positie. Beoogd wordt te voorkomen dat de handelende echtgenoot, door een van de in die bepaling genoemde rechtshandelingen te verrichten, zijn vermogen of het gemeenschappelijke vermogen zonder toestemming van de niet handelende echtgenoot uitholt. Het sluiten van een effectenleaseovereenkomst valt onder de rechtshandelingen waarvoor op grond van art. 1:88 lid 1, aanhef en onder d, BW toestemming van de niet handelende echtgenoot is vereist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bcbeefd39b3fa7811b3826dbcde2466d6ac0676e1e69dc0f2a820d0ef427141. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bcbeefd39b3fa7811b3826dbcde2466d6ac0676e1e69dc0f2a820d0ef427141, en de alinea staat in dat document op bytes 18813 tot 19848.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2bcbeefd39b3fa7811b3826dbcde2466d6ac0676e1e69dc0f2a820d0ef427141 | shasum -a 256