Citaat | Hoge Raad 29 mei 2020
Onder 2.2.1 Hoge Raad 29 mei 2020
Een alinea uit Hoge Raad 29 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:831.
Bij de beoordeling van dat geschil heeft het Hof overwogen dat er ten aanzien van de gestelde schending van artikel 1 EP op stelselniveau met betrekking tot het jaar 2015 geen aanleiding is om anders te oordelen dan de Hoge Raad in zijn arresten van 14 juni 2019 heeft gedaan ten aanzien van de heffing van inkomstenbelasting over de jaren 2013 en 2014. Het Hof heeft met verwijzing naar deze arresten tot uitgangspunt genomen, samengevat, - dat er geen aanknopingspunt is om te oordelen dat de regeling van box 3 als zodanig niet aan de daaraan ingevolge artikel 1 EP te stellen maatstaven voldoet, maar dat de heffing van box 3 voor een bepaald jaar op stelselniveau met die verdragsbepaling in strijd kan komen indien komt vast te staan dat het destijds door de wetgever voor een lange reeks van jaren veronderstelde rendement van vier procent voor particuliere beleggers niet meer haalbaar is en belastingplichtigen, mede gelet op het toepasselijke tarief, worden geconfronteerd met een buitensporig zware last; - dat ook voor het jaar 2015 op stelselniveau geldt dat dit eertijds door de wetgever voor een langs reeks van jaren veronderstelde rendement voor belastingplichtigen niet haalbaar was zonder daar (veel) risico voor te hoeven nemen, en dat de heffing van box 3 op stelselniveau, mede gelet op het toepasselijke tarief, een schending van artikel 1 EP oplevert indien het nominaal zonder (veel) risico’s gemiddeld haalbare rendement lager is dan 1,2 procent; - dat een dergelijke schending op stelselniveau een rechtstekort vormt waarin niet kan worden voorzien zonder op dat niveau keuzes te maken die niet voldoende duidelijk uit het wettelijk stelsel zijn af te leiden, en dat voor ingrijpen door de rechter in beginsel geen plaats is, tenzij een individuele belastingplichtige wordt geconfronteerd met een individuele en buitensporige last, en - dat bij beantwoording van de vraag of sprake is van een individuele en buitensporige last, de gevolgen van de heffing van box 3 moeten worden bezien in samenhang met de gehele financiële situatie van de betrokkene waarbij het inkomen uit werk en woning en uit aanmerkelijk belang een belangrijk aanknopingspunt is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/219e79ca42f734a65d3c777c1a46172a9e0818de23c3ff96f7aeeace4071c00e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 219e79ca42f734a65d3c777c1a46172a9e0818de23c3ff96f7aeeace4071c00e, en de alinea staat in dat document op bytes 7521 tot 9840.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/219e79ca42f734a65d3c777c1a46172a9e0818de23c3ff96f7aeeace4071c00e | shasum -a 256