Citaat | Hoge Raad 12 mei 2020

Onder 4.1 Hoge Raad 12 mei 2020

Een alinea uit Hoge Raad 12 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:838.

(b) in strijd met een door of namens de verdachte uitdrukkelijk voorgedragen verweer art. 349, eerste lid, Sv niet wordt toegepast, aangezien op grond van art. 358, derde lid, Sv in het vonnis of arrest bepaaldelijk een beslissing dient te worden gegeven omtrent zo een verweer, welke beslissing eveneens op grond van de eerste volzin van het tweede lid van art. 359 Sv met redenen moet zijn omkleed;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2e109a652d6c50f2649bf4684fe83117312b8329995465f906618e66e1bc87a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2e109a652d6c50f2649bf4684fe83117312b8329995465f906618e66e1bc87a, en de alinea staat in dat document op bytes 11404 tot 11817.