Citaat | Hoge Raad 26 mei 2020
Onder 2.2.4 Hoge Raad 26 mei 2020
Een alinea uit Hoge Raad 26 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:868.
Vast staat dat de verdachte onrechtmatig heeft gehandeld jegens de benadeelde partijen, welk onrechtmatig handelen hem kan worden toegerekend. Immers, bewezen is verklaard dat de verdachte zich strafbaar heeft gemaakt aan telkens een poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. De verdachte is derhalve verplicht de door de benadeelde partijen geleden schade die zij dientengevolge hebben geleden, te vergoeden. De door de benadeelde partijen geleden schade is naar het oordeel van het hof ter hoogte van de hieronder vermelde bedragen het rechtstreeks gevolg van de bewezenverklaarde feiten, als bedoeld in art. 361 lid 2 aanhef en sub b Sv. Artikel 6:95 BW bepaalt dat de schade die op grond van een wettelijke verplichting tot schadevergoeding moet worden vergoed, bestaat in vermogensschade en ander nadeel, dit laatste voor zover de wet op vergoeding hiervan recht geeft. Artikel 6:106 BW geeft hiervoor een nadere regeling. Het eerste lid luidt, voor zover hier relevant:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7cf66105768e871c8211800554b11b2e638cc47e072fe8432ff55cf67ea3c0f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7cf66105768e871c8211800554b11b2e638cc47e072fe8432ff55cf67ea3c0f5, en de alinea staat in dat document op bytes 23754 tot 24756.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7cf66105768e871c8211800554b11b2e638cc47e072fe8432ff55cf67ea3c0f5 | shasum -a 256