Citaat | Hoge Raad 19 mei 2020

Onder 2.2.3 Hoge Raad 19 mei 2020

Een alinea uit Hoge Raad 19 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:896.

Ter zitting erkent de verdachte, desgevraagd, (ook) dat hij de negen in de tenlastegelegde genoemde onjuiste aangiften heeft laten indienen. Hij betwist dat evenwel ten aanzien van de overige 23 aangiften: "Dat weet ik omdat ik het er niet vaker met [betrokkene 1] over heb gehad". Het hof acht deze betwisting (die in de kern neerkomt op een blote ontkenning) volstrekt ongeloofwaardig, omdat de verdachte gelijktijdig verklaart zelf nooit aangifte te doen en niet te weten hoe vaak er onjuiste aangifte is gedaan. Dat valt niet te rijmen met zijn stellige verklaring dat hij negen maal, en ook niet méér dan negen maal, een onjuiste aangifte heeft laten indienen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e8dc5fc225e762a7da7281ca2ca334e0381a385d33f58d299cc084a361d2cd2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e8dc5fc225e762a7da7281ca2ca334e0381a385d33f58d299cc084a361d2cd2, en de alinea staat in dat document op bytes 20563 tot 21243.