Citaat | Hoge Raad 29 mei 2020
Onder 2.1.2 Hoge Raad 29 mei 2020
Een alinea uit Hoge Raad 29 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:973.
Belanghebbende heeft op 6 april 2011 aan de dochtervennootschap een factuur uitgereikt ter zake van de verhuur van de golfbaan gedurende de periode november 2008 tot en met april 2011. Op deze factuur heeft zij de dochtervennootschap € 125.875 aan omzetbelasting in rekening gebracht (hierna: de gefactureerde omzetbelasting). Belanghebbende heeft de gefactureerde omzetbelasting niet op aangifte voldaan. De dochtervennootschap heeft de gefactureerde omzetbelasting niet in aftrek gebracht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efc2cc93eed6af0c0e80128f25349c4b974aaf7a91c13832596a133d6860d0d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efc2cc93eed6af0c0e80128f25349c4b974aaf7a91c13832596a133d6860d0d5, en de alinea staat in dat document op bytes 7524 tot 8042.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/efc2cc93eed6af0c0e80128f25349c4b974aaf7a91c13832596a133d6860d0d5 | shasum -a 256