Citaat | Hoge Raad 29 mei 2020
Onder 2.4.3 Hoge Raad 29 mei 2020
Een alinea uit Hoge Raad 29 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:973.
Het Hof heeft in dit geval een boete van € 62.500 passend en geboden geoordeeld. Het Hof heeft in zijn overwegingen over de straftoemeting betrokken dat de dochtervennootschap niet heeft verzocht om teruggaaf van de gefactureerde omzetbelasting maar het heeft deze omstandigheid niet van voldoende gewicht gevonden om tot een lagere boete te komen. Zonder miskenning van hetgeen hiervoor in 2.4.2 is overwogen, kon het Hof tot dit oordeel komen. Voor het overige kan het oordeel van het Hof, als verweven met waarderingen van feitelijke aard, door de Hoge Raad in de cassatieprocedure niet op juistheid worden onderzocht. Middel 3 faalt daarom ook.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efc2cc93eed6af0c0e80128f25349c4b974aaf7a91c13832596a133d6860d0d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efc2cc93eed6af0c0e80128f25349c4b974aaf7a91c13832596a133d6860d0d5, en de alinea staat in dat document op bytes 15565 tot 16228.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/efc2cc93eed6af0c0e80128f25349c4b974aaf7a91c13832596a133d6860d0d5 | shasum -a 256