Citaat | Hoge Raad 16 juli 2021
Onder 3.2 Hoge Raad 16 juli 2021
Een alinea uit Hoge Raad 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1152.
Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat de rente die belanghebbende is verschuldigd op de convertible instruments niettemin niet ten laste van de winst van belanghebbende kan worden gebracht aangezien het leerstuk van fraus legis aan die aftrek in de weg staat. Het Hof heeft daartoe overwogen dat vaststaat dat van het eigen vermogen dat de FCPR’s hebben aangewend om – middellijk – de verwerving van de [X] -groep te financieren, een groot gedeelte in de vorm van de convertible instruments als lening aan belanghebbende ter beschikking is gesteld. Voorts staat vast dat belanghebbende, door na de verwerving van de [X] -groep een fiscale eenheid aan te gaan met [B] , [C] en de [X] -groep, heeft bewerkstelligd dat de rente die belanghebbende aan de FCPR’s verschuldigd was, rechtstreeks ten laste kwam van het resultaat van de [X] -groep. In de op de verwerving van de [X] -groep volgende jaren heeft dit geleid tot een aanzienlijke erosie van de Nederlandse heffingsgrondslag. Aldus is kapitaal dat als eigen vermogen voor de acquisitie van de [X] -groep beschikbaar was, omgezet in vreemd vermogen, waarvan de rente rechtstreeks ten laste komt van het resultaat van de [X] -groep. De initiële beschikbaarheid van eigen vermogen binnen [K] voor acquisities van ‘target companies’ en de concrete vormgeving van de acquisitie, met gebruikmaking van hybride lichamen en een hybride financiering, die via de tussenschakeling van belanghebbende, [B] en [C] heeft geresulteerd in de rentelast op het niveau van de Nederlandse vennootschappen, heeft het karakter van een zogenoemde ‘omleiding’, aldus het Hof. Bij toepassing van artikel 10a van de Wet kunnen in een dergelijk geval mogelijke fiscale overwegingen niet worden geacht besloten te liggen in de vrijheid van belanghebbende om haar activiteiten te financieren op de wijze waarop haar dat schikt. Dit geldt niet alleen voor de rechtstreekse toepassing van artikel 10a van de Wet, maar ook voor gevallen waarin de in die bepaling besloten of daaraan ten grondslag liggende norm in geding is, aldus het Hof.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2efa3cff9d61d8596cdf620dda879a074a5b93d2030fb0aa858b6622b0922137. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2efa3cff9d61d8596cdf620dda879a074a5b93d2030fb0aa858b6622b0922137, en de alinea staat in dat document op bytes 17425 tot 19544.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2efa3cff9d61d8596cdf620dda879a074a5b93d2030fb0aa858b6622b0922137 | shasum -a 256