Citaat | Hoge Raad 30 november 2021
Onder 2.5.2 Hoge Raad 30 november 2021
Een alinea uit Hoge Raad 30 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1749.
Het op deze gronden gebaseerde oordeel van het hof dat - kort gezegd - geen grond bestaat voor toewijzing van het verzoek tot het horen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] als getuigen, getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. De enkele omstandigheid dat ten tijde van de verhoren van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] als getuigen in de strafzaak het, in de onder 2.2.2 weergegeven bewijsvoering genoemde, ontnemingsrapport nog niet bekend was, maakt dat niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6073b2f45a590bc9ea992df04e6c1c081df3d5a174916ee8864cc67bbf5ff70. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6073b2f45a590bc9ea992df04e6c1c081df3d5a174916ee8864cc67bbf5ff70, en de alinea staat in dat document op bytes 38994 tot 39512.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b6073b2f45a590bc9ea992df04e6c1c081df3d5a174916ee8864cc67bbf5ff70 | shasum -a 256