Citaat | Hoge Raad 12 januari 2021

Onder 3.2.2 Hoge Raad 12 januari 2021

Een alinea uit Hoge Raad 12 januari 2021, ECLI:NL:HR:2021:2.

[medeverdachte 2] verklaart dat verdachte zijn auto heeft aangeboden voor de brandstichting, dat hij [medeverdachte 2] bij het voetbalveld de sleutel van de auto en een tientje om te tanken heeft gegeven, en dat [medeverdachte 3], die contact had met haar broer, vertelde waar in de schuur van verdachte een jerrycan met benzine stond. [betrokkene 1] verklaart dat bij verdachte thuis is besproken dat er iemand in het chalet van [medeverdachte 3] lag, en dat verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] met de oplossing kwamen dat de brand er in moest. Verdachte had benzine in zijn schuur staan en die kon meegenomen worden, en de auto kon worden opgehaald bij het werk van verdachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dad595667659435482b818439af6da0b13af5c3ecac7a5eae157fc800c2150fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dad595667659435482b818439af6da0b13af5c3ecac7a5eae157fc800c2150fa, en de alinea staat in dat document op bytes 16307 tot 17026.