Citaat | Hoge Raad 19 februari 2021
Onder 4.2.5 Hoge Raad 19 februari 2021
Een alinea uit Hoge Raad 19 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:274.
Aan het onderdeel ligt het uitgangspunt ten grondslag dat de aanvang van de mediation in een grensoverschrijdend geschil op een lijn gesteld kan worden met de stuitingshandelingen genoemd in art. 3:316 BW, en dat de verjaring van de rechtsvordering tot vernietiging van een rechtshandeling op de voet van art. 3:317 lid 2 BW gestuit kan worden door binnen zes maanden na een schriftelijke aanmaning de mediation aan te vangen. Uit hetgeen hiervoor in 4.2.3 en 4.2.4 is overwogen, volgt dat dit uitgangspunt juist is. Het strookt met de ratio van de verjaringsregeling van de Mediationrichtlijn, die beoogt te bereiken dat partijen tijdens een mediation geen verjaringsrisico lopen. Met die ratio verdraagt zich niet de opvatting van ASR dat de aanvang van de mediation op een lijn gesteld moet worden met een schriftelijke aanmaning als bedoeld in art. 3:317 BW, die in geval van toepasselijkheid van het tweede lid binnen zes maanden moet worden gevolgd door een stuitingshandeling als bedoeld in art. 3:316 BW. Die opvatting sluit immers niet uit dat een rechtsvordering verjaart tijdens de mediation.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e87e8d19448b79e87bd538a97204efe780142ecdf546e2930fc07c452dd2e7c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e87e8d19448b79e87bd538a97204efe780142ecdf546e2930fc07c452dd2e7c, en de alinea staat in dat document op bytes 32945 tot 34075.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6e87e8d19448b79e87bd538a97204efe780142ecdf546e2930fc07c452dd2e7c | shasum -a 256