Citaat | Hoge Raad 15 juni 2021

Onder 2.2.2 Hoge Raad 15 juni 2021

Een alinea uit Hoge Raad 15 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:924.

Op 13 juli 2017 ben ik naar de woning van [verdachte] gegaan. Ik hoorde dat [verdachte] tegen mij zei, “ik maak je kapot”. Ik hoorde dat hij nog steeds allerlei verwensingen naar mijn hoofd riep, zoals: “ik maak je kapot, jij maakt mijn hele leven al kapot”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44cfdb07c7d1d006f3c852f07c0bf79bf45b50d8d5d78cc653350a403a324150. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44cfdb07c7d1d006f3c852f07c0bf79bf45b50d8d5d78cc653350a403a324150, en de alinea staat in dat document op bytes 8477 tot 8757.