Citaat | Hoge Raad 15 juni 2021

Onder 2.2.3 Hoge Raad 15 juni 2021

Een alinea uit Hoge Raad 15 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:924.

Het hof wijst het voorwaardelijke verzoek van de raadsman af, nu het hof het voor de bewezenverklaring niet zozeer van belang acht of de hamer daadwerkelijk door de voorruit heen kon worden gegooid. Voor de bewezenverklaring van de poging tot zware mishandeling acht het hof reeds voldoende dat de glasscherven - die ten gevolge van het gooien van de hamer zijn ontstaan, overal in de auto werden gevonden en waarover de aangever heeft verklaard dat hij deze glassplinters tegen zijn gezicht aan voelde komen - op zich al zwaar lichamelijk letsel kunnen opleveren. Het hof acht het een feit van algemene bekendheid dat glassplinters in de ogen blijvend letsel en daarmee zware mishandeling kunnen opleveren.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44cfdb07c7d1d006f3c852f07c0bf79bf45b50d8d5d78cc653350a403a324150. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44cfdb07c7d1d006f3c852f07c0bf79bf45b50d8d5d78cc653350a403a324150, en de alinea staat in dat document op bytes 13660 tot 14383.