Citaat | Hoge Raad 16 september 2022

Onder 2.2.1 Hoge Raad 16 september 2022

Een alinea uit Hoge Raad 16 september 2022, ECLI:NL:HR:2022:1225.

Wanneer bij de behandeling van belastinggeschillen de redelijk te achten termijn voor berechting is overschreden, kan de Staat worden aangewezen als rechtspersoon die de hieruit voortvloeiende immateriële schade moet vergoeden. In procedures die betrekking hebben op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen geldt op grond van artikel 8:73 Awb, in samenhang gelezen met artikel V van de Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten , dat deze schade alleen wordt vergoed indien de belanghebbende daartoe een verzoek doet bij de rechter die in de hoofdzaak de redelijke termijn voor behandeling van het geschil overschrijdt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e24291da028f7fc59a4738cdd3d641fdaefb40cdf4a9ed7271e9d968ca4fd254. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e24291da028f7fc59a4738cdd3d641fdaefb40cdf4a9ed7271e9d968ca4fd254, en de alinea staat in dat document op bytes 7537 tot 8338.