Citaat | Hoge Raad 21 oktober 2022

Onder 5.3 Hoge Raad 21 oktober 2022

Een alinea uit Hoge Raad 21 oktober 2022, ECLI:NL:HR:2022:1438.

In een geval waarin een uitspraak alleen of mede is gewezen door een rechterlijk ambtenaar die voorafgaand aan de indiensttreding een eed of belofte heeft afgelegd met het oog op de benoeming in het rechterlijk ambt, maar waarbij op enigerlei wijze sprake is van een onvolkomenheid in de wijze waarop die beëdiging heeft plaatsgevonden, kan – als in zo'n geval een rechtsmiddel openstaat – de vraag aan de orde komen of die onvolkomenheid gevolgen heeft voor de betreffende uitspraak. Of die onvolkomenheid, mede gelet op artikel 5 lid 2 Wet RO, ook tot vernietiging van de betreffende uitspraak moet leiden, is daarbij afhankelijk van de aard van de onvolkomenheid die zich heeft voorgedaan, en moet mede in het licht van het doel en de strekking van de wettelijke regeling van de beëdiging van rechterlijke ambtenaren worden beoordeeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4bccc17de635f0928959e8d70b309ee9934727a65c6e60a0bd4e44e973aa9cdc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4bccc17de635f0928959e8d70b309ee9934727a65c6e60a0bd4e44e973aa9cdc, en de alinea staat in dat document op bytes 28186 tot 29107.