Citaat | Hoge Raad 2 december 2022
Onder 3.1 Hoge Raad 2 december 2022
Een alinea uit Hoge Raad 2 december 2022, ECLI:NL:HR:2022:1795.
Artikel 45aa van de Uitvoeringsregeling brengt mee dat een verzoek om ambtshalve vermindering moet zijn ingediend binnen vijf jaar na het einde van het kalenderjaar waarop de belastingaanslag betrekking heeft. Dit heeft tot gevolg dat het indienen van een verzoek om ambtshalve vermindering binnen deze termijn niet mogelijk is indien die belastingaanslag, zoals in dit geval de navorderingsaanslag, wordt opgelegd na het einde van deze vijfjaarstermijn. Anders dan het middel betoogt, betekent dit niet dat de hiervoor bedoelde termijn in zo’n geval niet geldt. Deze onmogelijkheid is het gevolg van de keuze van de regelgever de termijn voor indiening van een verzoek om ambtshalve vermindering afhankelijk te stellen van het einde van het kalenderjaar waarop de belastingaanslag betrekking heeft, en bijvoorbeeld niet van het einde van de navorderingstermijn of het moment waarop de belastingaanslag is opgelegd. Mede gelet op de mogelijkheid tegen een navorderingsaanslag als de onderhavige een rechtsmiddel aan te wenden, kan niet worden gezegd dat het handhaven van de hiervoor genoemde termijn in strijd is met het evenredigheidsbeginsel. Het middel faalt daarom.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/620ca2bf2a7a38b8ee9620022996172ec98aaead3215018ce5984e4cb40da27b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 620ca2bf2a7a38b8ee9620022996172ec98aaead3215018ce5984e4cb40da27b, en de alinea staat in dat document op bytes 8438 tot 9623.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/620ca2bf2a7a38b8ee9620022996172ec98aaead3215018ce5984e4cb40da27b | shasum -a 256