Citaat | Hoge Raad 9 december 2022

Onder 3.6.2 Hoge Raad 9 december 2022

Een alinea uit Hoge Raad 9 december 2022, ECLI:NL:HR:2022:1834.

Hetgeen hiervoor in 3.6.1 is overwogen, brengt mee dat aan de voorwaarden voor disculpatie is voldaan indien de betrokkene aantoont dat hij niet tekort is geschoten in de behoorlijke vervulling van zijn bestuurstaak met betrekking tot de nakoming door het lichaam van financiële verplichtingen, waaronder niet-fiscale verplichtingen. In dat verband is van belang dat er geen algemene regel bestaat op grond waarvan een schuldenaar die niet in staat is al zijn schuldeisers volledig te betalen, steeds onbehoorlijk handelt wanneer hij een schuldeiser voldoet vóór andere schuldeisers, ook als hij daarbij niet rekening houdt met eventuele preferenties. Het staat (een bestuurder van) een vennootschap – dan ook – in beginsel vrij om op grond van een eigen afweging te bepalen welke schuldeisers van de vennootschap in de gegeven omstandigheden zullen worden voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c65973ae180b3e245622cfc0ab2bbb175d32eb2dca08eb8b2496a9d9c25672fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c65973ae180b3e245622cfc0ab2bbb175d32eb2dca08eb8b2496a9d9c25672fa, en de alinea staat in dat document op bytes 20689 tot 21638.