Citaat | Hoge Raad 5 april 2022
Onder 2.4.2 Hoge Raad 5 april 2022
Een alinea uit Hoge Raad 5 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:366.
“3.2.1 In strafzaken geldt dat een verzoek tot het horen van getuigen in beginsel moet worden gemotiveerd. Die motiveringsverplichting houdt in dat de verdediging ten aanzien van iedere door haar opgegeven getuige moet toelichten waarom het horen van deze getuige van belang is voor enige in de strafzaak op grond van artikel 348 en 350 Sv te nemen beslissing. Aan dit motiveringsvereiste ligt onder meer ten grondslag dat de rechter in staat wordt gesteld de relevantie van het verzoek te beoordelen, mede in het licht van de onderzoeksbevindingen zoals deze zich op het moment van het verzoek in het dossier bevinden. Of een verzoek tot het horen van getuigen naar behoren is onderbouwd alsook of het dient te worden toegewezen, zal de rechter in het licht van alle omstandigheden van het geval - en met inachtneming van het toepasselijke criterium - moeten beoordelen. In cassatie gaat het bij de beoordeling van de afwijzing van een verzoek tot het horen van getuigen in de kern om de vraag of de beslissing begrijpelijk is in het licht van - als waren het communicerende vaten - enerzijds hetgeen aan het verzoek ten grondslag is gelegd en anderzijds de gronden waarop het is afgewezen. (Vgl. HR 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1015.)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a2d459e2e0db790e90084bdc6dcef1ab696201268fde50235ff46f52ceefd88d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a2d459e2e0db790e90084bdc6dcef1ab696201268fde50235ff46f52ceefd88d, en de alinea staat in dat document op bytes 12578 tot 13830.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a2d459e2e0db790e90084bdc6dcef1ab696201268fde50235ff46f52ceefd88d | shasum -a 256