Citaat | Hoge Raad 4 februari 2022

Onder 2 Hoge Raad 4 februari 2022

Een alinea uit Hoge Raad 4 februari 2022, ECLI:NL:HR:2022:45.

2.2.3 Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat de aanslag IB/PVV binnen de in artikel 11, lid 3, AWR bedoelde termijn van drie jaren is opgelegd, omdat die aanslag op 7 december 2000 op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt met de terpostbezorging van het aanslagbiljet IB/PVV aan het Poolse adres. Het niet bekend worden van de aanslag IB/PVV bij belanghebbende is niet te wijten aan een verkeerde adressering of een andere fout van de Inspecteur, aldus het Hof.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45e1cf5a78164545c0cb699d5d23acf4f9f66d0be0180b7d233d047df47d3d4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45e1cf5a78164545c0cb699d5d23acf4f9f66d0be0180b7d233d047df47d3d4a, en de alinea staat in dat document op bytes 9989 tot 10467.