Citaat | Hoge Raad 29 maart 2022

Onder 2.3 Hoge Raad 29 maart 2022

Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 2022, ECLI:NL:HR:2022:466.

Ditzelfde geldt voor de getuigen die zich in Zuid-Afrika bevinden ([getuige 1], [getuige 2] en [getuige 3]). Het rechtshulpverzoek tot het horen van deze getuigen is op 20 september 2016 verzonden door de raadsheer-commissaris. Ondanks herhaalde verzoeken en de uitdrukkelijke wens deze getuigen te kunnen horen in het bijzijn van de verdediging, heeft de raadsheer-commissaris op 27 maart 2018 de uitvoeringsstukken ontvangen waaruit volgde dat aan dit verzoek niet tegemoet werd, gekomen. Nog daargelaten dat de getuige [getuige 2] niet traceerbaar is en de getuige [getuige 3] zich op zijn verschoningsrecht beroept, acht het hof het niet aannemelijk dat binnen aanvaardbare termijn thans wel de gelegenheid zou worden geboden om de toegewezen getuigen in het bijzijn van de verdediging en met gelegenheid tot het stellen van vragen zouden kunnen worden gehoord. Ook dit herhaalde verzoek tot het horen van deze getuigen wordt aldus afgewezen.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0e2df391db4aedb89d7f4d08696ce4c56bb098899ae67d1db67011b6c2aedbc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0e2df391db4aedb89d7f4d08696ce4c56bb098899ae67d1db67011b6c2aedbc, en de alinea staat in dat document op bytes 21223 tot 22185.