Citaat | Hoge Raad 1 april 2022
Onder 2.3 Hoge Raad 1 april 2022
Een alinea uit Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:481.
“5.2 Evenals de rechtbank en op dezelfde gronden als de rechtbank, is het hof van oordeel dat niet voldaan is aan het wettelijke vereiste van artikel 816 lid 1 Rv en dat de man om die reden niet-ontvankelijk is in zijn verzoek. Het hof voegt hieraan nog het volgende toe. De man heeft aangevoerd dat de vrouw ervan op de hoogte was dat het verzoek tot echtscheiding met nevenvoorzieningen bij de rechtbank was ingediend en dat zij door de te late betekening niet in haar procesbelang is geschaad. Het hof volgt de man hierin niet. De indiening van het verzoekschrift tot echtscheiding bij de rechtbank is op zichzelf niet voldoende om de vrouw in rechte te betrekken. De wet schrijft voor dat het verzoekschrift tot echtscheiding binnen veertien dagen na indiening bij de rechtbank aan de andere echtgenoot moet worden betekend. Daaraan doet niet af dat de vrouw op de hoogte was van het echtscheidingsverzoek en zij niet in haar belangen zou zijn geschaad, zoals door de man gesteld. Evenmin doet daaraan niet af dat in het procesreglement een termijn staat opgenomen die gerelateerd is aan de datum van inschrijving van het verzoekschrift tot echtscheiding.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3764bb4f6374b24fdd3e88eceae4cdc65284a574efd7f021d3df1823fe0cc224. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3764bb4f6374b24fdd3e88eceae4cdc65284a574efd7f021d3df1823fe0cc224, en de alinea staat in dat document op bytes 8719 tot 9896.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3764bb4f6374b24fdd3e88eceae4cdc65284a574efd7f021d3df1823fe0cc224 | shasum -a 256