Citaat | Hoge Raad 10 juni 2022

Onder 2.10.4 Hoge Raad 10 juni 2022

Een alinea uit Hoge Raad 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:862.

Indien de cliëntenremisier een transactiegerelateerde vergoeding (bijvoorbeeld provisie, commissie of een andersoortige vergoeding) ontvangt van de uitvoerende effecteninstelling, gaat de STE er van uit dat de cliëntenremisier beroeps- of bedrijfsmatig adviseert en derhalve vergunningplichtig is, tenzij de cliëntenremisier aantoont dat hij geen adviezen over effectentransacties verstrekt aan betrokken klanten. De cliëntenremisier kan dit bijvoorbeeld aantonen door middel van schriftelijke stukken waarin aan de klant wordt gecommuniceerd dat de cliëntenremisier de klant niet mag adviseren over effectentransacties.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7060cd8649a69851ac645fbd29a5078356cda299384e8810e298a1274ead8207. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7060cd8649a69851ac645fbd29a5078356cda299384e8810e298a1274ead8207, en de alinea staat in dat document op bytes 37332 tot 37973.