Citaat | Hoge Raad 10 februari 2023
Onder 2.4 Hoge Raad 10 februari 2023
Een alinea uit Hoge Raad 10 februari 2023, ECLI:NL:HR:2023:188.
Belanghebbende heeft bij het Hof verzocht om toekenning van een vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn voor de beslechting van het geschil in hoger beroep. Het Hof heeft naar aanleiding van dat verzoek belanghebbende een vergoeding van € 500 toegekend. Het Hof heeft geoordeeld dat de coronapandemie een uitzonderlijke en onvoorzienbare situatie is die de verlenging van de redelijke termijn van twee jaar voor berechting in hoger beroep met vier maanden rechtvaardigt. Daarbij is, aldus het Hof, rekening gehouden met de periode waarin de gerechtsgebouwen gesloten waren en met een termijn van twee maanden voor het opnieuw inplannen van verdaagde zittingen. Aangezien het hoger beroep op 8 april 2019 is ingesteld en het Hof op 21 december 2021 uitspraak doet, is de redelijke termijn met minder dan een half jaar overschreden, aldus het Hof.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb06cf004ef5ee2956f562baacdd91db2137a45716269c0c87fe43512ecc4ac5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb06cf004ef5ee2956f562baacdd91db2137a45716269c0c87fe43512ecc4ac5, en de alinea staat in dat document op bytes 9007 tot 9910.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb06cf004ef5ee2956f562baacdd91db2137a45716269c0c87fe43512ecc4ac5 | shasum -a 256