Citaat | Hoge Raad 14 april 2023
Onder 3.5.2 Hoge Raad 14 april 2023
Een alinea uit Hoge Raad 14 april 2023, ECLI:NL:HR:2023:560.
Middel II slaagt in zoverre. Het onderhavige beroep maakt deel uit van meerdere beroepen die de gemachtigde had ingesteld door middel van één beroepschrift. Ter zake van die beroepen zijn drie nota’s griffierecht verzonden, waarvan er ten minste een tijdig is betaald. Die betaling betrof niet de nota griffierecht voor het onderhavige beroep. Gelet op hetgeen hiervoor in 3.3.6 is overwogen, had de Rechtbank echter bij de beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep een oordeel moeten geven over de samenhang tussen de drie zaken met het oog op mogelijke toepassing van artikel 8:41, lid 3, Awb. De Rechtbank had daarvan blijk moeten geven in haar uitspraak. Een motivering op dit punt ligt niet begrepen in de overweging van de Rechtbank dat het verzoek van belanghebbende om deze zaak met nog twee andere zaken te voegen op zichzelf genomen geen gevolgen heeft voor de verplichting het griffierecht tijdig te betalen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32b0bf8dfa14224f940b99ef5c5e2670bf51ce52772a0616ec0f49e405603818. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32b0bf8dfa14224f940b99ef5c5e2670bf51ce52772a0616ec0f49e405603818, en de alinea staat in dat document op bytes 17522 tot 18467.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/32b0bf8dfa14224f940b99ef5c5e2670bf51ce52772a0616ec0f49e405603818 | shasum -a 256