Citaat | Hoge Raad 30 mei 2023
Onder 1.2 Hoge Raad 30 mei 2023
Een alinea uit Hoge Raad 30 mei 2023, ECLI:NL:HR:2023:766.
28 De verwijzende rechter vraagt zich in het bijzonder af of een dergelijke cumulatie verenigbaar is met het beginsel nemo tenetur se ipsum accusare, dat is neergelegd in de artikelen 47 en 48 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend te Rome op 4 november 1950. De betrokkene zou in dat geval namelijk niet kunnen voorkomen dat de kennisgeving van zijn eigen strafbare handelen overeenkomstig artikel 8, lid 1, van verordening nr. 273/2004 leidt tot vervolging en eventueel bestraffing wegens schending van de nationale wettelijke regeling ter uitvoering van artikel 2, lid 1, van kaderbesluit 2004/757.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fac8345906b93d40dcb10c5b3cee8b8e2a562a4e27d8fb413a5a51312fb6eecc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fac8345906b93d40dcb10c5b3cee8b8e2a562a4e27d8fb413a5a51312fb6eecc, en de alinea staat in dat document op bytes 13879 tot 14630.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fac8345906b93d40dcb10c5b3cee8b8e2a562a4e27d8fb413a5a51312fb6eecc | shasum -a 256