Citaat | Hoge Raad 26 mei 2023

Onder 3.2.2 Hoge Raad 26 mei 2023

Een alinea uit Hoge Raad 26 mei 2023, ECLI:NL:HR:2023:784.

Voor de beantwoording van de vraag of iemand een zaak in bezit heeft genomen, is bepalend of hij de feitelijke macht over die zaak is gaan uitoefenen (art. 3:113 lid 1 BW). Ingevolge art. 3:108 BW wordt het antwoord op de vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke macht uitoefent, bepaald naar verkeersopvatting, met inachtneming van de op die bepaling volgende regels en overigens op grond van uiterlijke feiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3d366f52c56cf517c9a65e404d9bf26d2077657e86e86224483dbe8942aaf46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3d366f52c56cf517c9a65e404d9bf26d2077657e86e86224483dbe8942aaf46, en de alinea staat in dat document op bytes 21928 tot 22362.