Citaat | Hoge Raad 13 juni 2023

Onder 3.1.3 Hoge Raad 13 juni 2023

Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:913.

De rechter beslist met inachtneming van de uitspraak van de Hoge Raad. Zodra de beslissing van de Hoge Raad aan de rechter ter beschikking is gesteld, kan de rechter in de zaak beslissen, nadat hij de betrokken procespartijen de gelegenheid heeft gegeven om te reageren op de uitspraak van de Hoge Raad. Aangezien de beslissing tot het stellen van de prejudiciële vraag een tussenbeslissing is, is er nog de mogelijkheid voor partijen om te reageren. Voor de duidelijkheid is dit recht nog geëxpliciteerd, waarbij de tekst grotendeels is ontleend aan artikel 394, eerste lid, Rv. Anders dan bij de civiele procedure, hoeft deze reactie niet altijd schriftelijk te worden uitgebracht. In bijzondere gevallen, bijvoorbeeld wanneer spoed dit vereist of wanneer het gaat om een relatief eenvoudige zaak, kan door de betrokken procespartijen ook mondeling worden gereageerd op de uitspraak van de Hoge Raad.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13, en de alinea staat in dat document op bytes 57364 tot 58284.