Citaat | Hoge Raad 13 juni 2023
Onder 6.5.3 Hoge Raad 13 juni 2023
Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:913.
Het vorenstaande brengt in relatie tot het recht op eerbiediging van het privéleven, zoals dat wordt gewaarborgd door artikel 8 lid 1 EVRM, met zich dat de Nederlandse strafrechter niet beoordeelt of in het recht van het land onder wiens verantwoordelijkheid het onderzoek is verricht, al dan niet een toereikende wettelijke grondslag bestond voor de eventueel bij het verrichten van het onderzoek gemaakte inbreuk op het recht van de verdachte op respect voor zijn privéleven, en ook niet of die inbreuk geacht kan worden noodzakelijk te zijn, zoals bedoeld in het tweede lid van artikel 8 EVRM. Zo’n beoordeling zou immers vergen dat de Nederlandse rechter aan het buitenlandse recht toetst. Daaraan staat in de weg wat onder 6.5.2 is overwogen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13, en de alinea staat in dat document op bytes 108790 tot 109555.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13 | shasum -a 256