Citaat | Hoge Raad 13 juni 2023
Onder 7.5 Hoge Raad 13 juni 2023
Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 2023, ECLI:NL:HR:2023:913.
De derde en de vijfde prejudiciële vraag betreffen in de kern de vraag of en, zo ja, onder welke omstandigheden voor de toepassing van een opsporingsbevoegdheid onder verantwoordelijkheid van een buitenlandse autoriteit een machtiging van de rechter-commissaris is vereist. De Hoge Raad verwijst voor het antwoord op deze vraag naar wat onder 6.20-6.24 is overwogen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13, en de alinea staat in dat document op bytes 165894 tot 166345.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df49d3366d52ba0de54ed660939ba88569ec179cc6552e96e4e6c38940bd6f13 | shasum -a 256