Citaat | Hoge Raad 3 februari 2023

Onder 2.2 Hoge Raad 3 februari 2023

Een alinea uit Hoge Raad 3 februari 2023, ECLI:NL:HR:2023:97.

“Het is aannemelijk geworden dat belanghebbende aanzienlijk bedragen aan inkomsten heeft genoten (daartoe wijst het Hof op de ontvangen bedragen op zijn Luxemburgse bankrekening en de ontvangen aandelen bij de wijziging in de aandelenstructuur in 2009). Het Hof acht het ongeloofwaardig - voor zover belanghebbende dat al heeft willen betogen - dat hij niet heeft geweten dat het door hem behaalde resultaat niet op enigerlei wijze in de heffing van de inkomstenbelasting zou moeten worden betrokken. Door desalniettemin geen aangifte [te] doen en ook overigens geen enkele actie te ondernemen om te bewerkstelligen dat deze inkomsten in de belastingheffing zouden worden begrepen, heeft belanghebbende geweten dat te weinig belasting zou worden geheven. Onder deze omstandigheden is het aan de opzet van belanghebbende te wijten dat te weinig belasting is geheven. De inspecteur verwijt belanghebbende derhalve terecht opzet aan het in artikel 67e, eerste lid, van de Wet vermelde vergrijp.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbf063a39ead6c149176e870960f47a6263584be069c5ed3af81f0695f18ce5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbf063a39ead6c149176e870960f47a6263584be069c5ed3af81f0695f18ce5d, en de alinea staat in dat document op bytes 7563 tot 8636.