Citaat | Hoge Raad 2 februari 2024

Onder 3.2.2 Hoge Raad 2 februari 2024

Een alinea uit Hoge Raad 2 februari 2024, ECLI:NL:HR:2024:147.

Met het oog op de hiervoor in 3.2.1 bedoelde bewijslevering heeft de wet- en regelgever voorzien in de volgende drie manieren waaruit kan worden gekozen om de reële waardedaling (de afschrijving) van een gebruikt motorvoertuig als bedoeld in artikel 10, lid 2, van de Wet (bij benadering) te bepalen. Op grond van artikel 10, lid 7, van de Wet kan die waardedaling – op een daartoe bij de aangifte gedaan verzoek – aannemelijk worden gemaakt met behulp van een in de handel algemeen toegepaste koerslijst voor de inkoop van gebruikte motorrijtuigen door wederverkopers in Nederland (hierna: de koerslijstmethode). Op grond van artikel 10, lid 8, van de Wet kan die waardedaling – op een daartoe bij de aangifte gedaan verzoek – worden bepaald met behulp van een taxatiewaarde van het desbetreffende motorvoertuig zoals vermeld in een taxatierapport dat voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden (hierna: de taxatiemethode). Indien niet gebruik wordt gemaakt van een van de hiervoor bedoelde methoden, wordt de afschrijving bepaald aan de hand van de afschrijvingstabel die is voorzien in artikel 10, lid 6, van de Wet in samenhang gelezen met artikel 8, lid 5, van de Uitvoeringsregeling belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992 (tekst 2018; hierna: de Uitvoeringsregeling).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5bc33528742dba95a237cd829bd9271d278e02b68237bbe18584dc1dd766db3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5bc33528742dba95a237cd829bd9271d278e02b68237bbe18584dc1dd766db3, en de alinea staat in dat document op bytes 14250 tot 15680.