Citaat | Hoge Raad 15 november 2024

Onder 5.3.2 Hoge Raad 15 november 2024

Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2024, ECLI:NL:HR:2024:1657.

Of de situatie waarin een WGA-uitkering direct van het UWV wordt ontvangen enerzijds en de situatie waarin een WGA-uitkering via de werkgever wordt ontvangen anderzijds gelijke gevallen zijn, moet worden bezien vanuit het doel van de regeling over de arbeidskorting, aangezien de ongelijke behandeling zich bij toepassing van die regeling manifesteert. Uit de door de Advocaat-Generaal aangehaalde geschiedenis van de totstandkoming van de arbeidskorting moet worden afgeleid dat het doel van die regeling met name erin is gelegen het verrichten van betaalde arbeid aantrekkelijker te maken. Daarvan uitgaande bestaat met het oog op de toepassing van de arbeidskorting geen relevant objectief verschil tussen de hiervóór bedoelde situaties. Een WGA-uitkering is immers in beide gevallen naar haar aard geen loon uit tegenwoordige arbeid en zou daarom, bezien vanuit het zojuist genoemde doel van de wettelijke regeling van de arbeidskorting, in geen van beide gevallen in de berekeningsgrondslag van die korting betrokken behoren te worden. Belanghebbende stelt zich daarom terecht op het standpunt dat sprake is van ongelijke behandeling van gelijke gevallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7145dfd8f9c5d2b15cfdb827debad27f6aef6a70756af2eca1face839bf66a3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7145dfd8f9c5d2b15cfdb827debad27f6aef6a70756af2eca1face839bf66a3e, en de alinea staat in dat document op bytes 19016 tot 20319.