Citaat | Hoge Raad 15 maart 2024

Onder 3.2.2 Hoge Raad 15 maart 2024

Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 2024, ECLI:NL:HR:2024:429.

Deze klacht slaagt. Het hof heeft zijn verwerping van het beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid uitsluitend doen steunen op omstandigheden die zich hebben voorgedaan ten tijde van het sluiten van de geldleningsovereenkomst met daarin het rentebeding tussen Rabobank en de Megahome-vennootschappen. Het hof heeft daarmee niet (kenbaar) beoordeeld of het in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat Rabobank thans, bij de verdeling van de onder de notaris gestorte executieopbrengst, jegens Vesteda c.s. aanspraak maakt op de contractuele rente van 2% per maand. Het hof heeft aldus ofwel miskend dat de verhouding tussen Rabobank en Vesteda c.s. als deelgenoten bij de verdeling van het notariële executiedepot mede wordt beheerst door hetgeen uit de eisen van redelijkheid en billijkheid voortvloeit, ofwel zijn verwerping van het beroep van Vesteda c.s. op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid onvoldoende gemotiveerd in het licht van de stellingen van Vesteda c.s.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e08fef7d47d6260ede2c1db5d15e1b25317e4f9e1bdb8b8105845ca94edd7bd3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e08fef7d47d6260ede2c1db5d15e1b25317e4f9e1bdb8b8105845ca94edd7bd3, en de alinea staat in dat document op bytes 31912 tot 32997.