Citaat | Hoge Raad 5 september 2025

Onder 3.1.4 Hoge Raad 5 september 2025

Een alinea uit Hoge Raad 5 september 2025, ECLI:NL:HR:2025:1237.

Voor zover onderdeel 2.1 bepleit dat een bank bij een zakelijk krediet in beginsel niet hoeft te corrigeren voor een gebrek aan inzicht over een kwestie die tot het terrein van de ondernemer behoort, ook niet als voor de bank kenbaar is dat de ondernemer geen rekening houdt met de – bij de bank bekende – mogelijkheid van een toekomstige ontwikkeling die de onderneming kan treffen en die ertoe kan leiden dat de financiële lasten zwaarder op die onderneming gaan drukken, gaat het uit van een onjuiste rechtsopvatting. Afhankelijk van de overige omstandigheden van het geval kan de bancaire zorgplicht meebrengen dat de bank zich ervan vergewist of de ondernemer zich van die mogelijke toekomstige ontwikkeling bewust is en, indien dit niet het geval blijkt, haar kennis daarover met deze deelt. Er is geen grond om een dergelijke vergewisplicht en informatieplicht in algemene zin uit te sluiten voor een geval waarin het gaat om een mogelijke wijziging van wetgeving op een terrein waarop de onderneming van de kredietnemer actief is, zoals de onderdelen 2.2.1-2.2.3 betogen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/99a27304558eff42c113f5d201db9f9d26e0e93871e6667a8bd0ba78dda5a9ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 99a27304558eff42c113f5d201db9f9d26e0e93871e6667a8bd0ba78dda5a9ab, en de alinea staat in dat document op bytes 26461 tot 27558.