Citaat | Hoge Raad 14 oktober 2025
Onder 3.8.3 Hoge Raad 14 oktober 2025
Een alinea uit Hoge Raad 14 oktober 2025, ECLI:NL:HR:2025:1519.
Als de rechter in eerste aanleg een vordering of een verzoek tot het horen van een getuige afwijst op de grond dat die vordering of dat verzoek niet al is gedaan op een eerder moment waarop de betreffende procespartij die mogelijkheid werd geboden, dan staat het de betreffende procespartij in hoger beroep vrij opnieuw zo’n vordering of verzoek te doen. De rechter in hoger beroep kan die vordering of dat verzoek niet afwijzen op de enkele grond dat in eerste aanleg de vordering of het verzoek tot het horen van de getuige al is afgewezen. De beoordeling in hoger beroep zal moeten gebeuren aan de hand van de daarvoor geldende (wettelijke) maatstaven, waarbij de rechter in hoger beroep de onder 3.5 en 3.6 beschreven mogelijkheden ter beschikking staan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4cd2ca7c3e02c7732a572041032af9998213d04c7c42496aa4fb9e0a5f292385. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4cd2ca7c3e02c7732a572041032af9998213d04c7c42496aa4fb9e0a5f292385, en de alinea staat in dat document op bytes 74007 tot 74780.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4cd2ca7c3e02c7732a572041032af9998213d04c7c42496aa4fb9e0a5f292385 | shasum -a 256