Citaat | Hoge Raad 7 november 2025

Onder 3 Hoge Raad 7 november 2025

Een alinea uit Hoge Raad 7 november 2025, ECLI:NL:HR:2025:1657.

De hiervoor in 3.2.1-3.2.3 genoemde landsverordeningen bevatten voor de bestuurder niet een mogelijkheid tot disculpatie. Dit betekent dat de bestuurder geen mogelijkheid tot disculpatie toekomt. De omstandigheid dat in wetgeving van andere landen van het Koninkrijk der Nederlanden ter zake van een vergelijkbare aansprakelijkheid van de bestuurder inmiddels wel een wettelijke disculpatiemogelijkheid bestaat , leidt niet tot een andere uitkomst. De verschillen in de wetgeving zijn op dit punt van dien aard, dat voor toepassing van het concordantiebeginsel geen grond bestaat. Ingeval de bestuurder op grond van de in 3.2.1-3.2.3 genoemde landsverordeningen aansprakelijk wordt gehouden, kan hij dus geen beroep doen op een disculpatiemogelijkheid als daarin niet bij wet is voorzien. Dit laat onverlet dat de bestuurder ten overstaan van de burgerlijke rechter een beroep kan doen op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid op de grond dat zich omstandigheden voordoen die maken dat de aansprakelijkstelling van de bestuurder in het concrete geval naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3e08d5a8f338a3ce3c2f89287959f4fa6032577aff4a0e8c7a8cc9924256fc5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3e08d5a8f338a3ce3c2f89287959f4fa6032577aff4a0e8c7a8cc9924256fc5e, en de alinea staat in dat document op bytes 39260 tot 40473.