Citaat | Hoge Raad 4 april 2025

Onder 2.4 Hoge Raad 4 april 2025

Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2025, ECLI:NL:HR:2025:511.

6. De vorderingen van [de echtgenote] zijn van onbepaalde waarde. Deze behoren tot de competentie van de kantonrechter, onder voorwaarde dat er duidelijke aanwijzingen zijn dat de vorderingen een waarde vertegenwoordigen van minder dan € 25.000,-, of dat de wet expliciet vermeldt dat de kantonrechter bevoegd is (zgn. aardzaken). Aan beide voorwaarden is in deze procedure niet voldaan. De Stichtingen worden gevolgd in hun stelling dat het aannemelijk is dat de vorderingen van [de echtgenote] een waarde van meer dan € 25.000 vertegenwoordigen, gelet op het feit dat deze vorderingen ook medewerking aan het vestigen van een recht van vruchtgebruik op de echtelijke woning omvatten. Van duidelijke aanwijzingen dat de vorderingen een lagere waarde zouden vertegenwoordigen is in ieder geval geen sprake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7fbdd5ff7258405e21ecc72209b38938f2c450551f6b29340cb021b94240819f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7fbdd5ff7258405e21ecc72209b38938f2c450551f6b29340cb021b94240819f, en de alinea staat in dat document op bytes 10172 tot 10995.