Citaat | Hoge Raad 4 april 2025
Onder 3.2.1 Hoge Raad 4 april 2025
Een alinea uit Hoge Raad 4 april 2025, ECLI:NL:HR:2025:511.
“Voor zover de echtgenoot van de erflater tengevolge van uiterste wilsbeschikkingen van de erflater niet of niet enig rechthebbende is op de tot de nalatenschap van de erflater behorende woning, die ten tijde van het overlijden door de erflater en zijn echtgenoot tezamen of door de echtgenoot alleen bewoond werd, of op de tot de nalatenschap behorende inboedel daarvan, zijn de erfgenamen verplicht tot medewerking aan de vestiging van een vruchtgebruik op die woning en die inboedel ten behoeve van de echtgenoot, voor zover deze dit van hen verlangt. De eerste zin geldt niet voor zover de kantonrechter op een daartoe strekkend verzoek artikel 33 lid 2, onder a, heeft toegepast.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7fbdd5ff7258405e21ecc72209b38938f2c450551f6b29340cb021b94240819f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7fbdd5ff7258405e21ecc72209b38938f2c450551f6b29340cb021b94240819f, en de alinea staat in dat document op bytes 13493 tot 14195.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7fbdd5ff7258405e21ecc72209b38938f2c450551f6b29340cb021b94240819f | shasum -a 256