Citaat | Hoge Raad 6 juni 2025

Onder 2.4.3 Hoge Raad 6 juni 2025

Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:862.

De vergoeding voor de kosten van het hoger beroep heeft het Hof op de voet van artikel 2, lid 1, letter a, van het Besluit (tekst 2024), in samenhang gelezen met punten 1 en 13 van onderdeel A1 en punt 1 van onderdeel B1 van de Bijlage, vastgesteld op € 1.750, uitgaande van 2 punten (verweerschrift en verschijnen zitting), wegingsfactor 1, en een waarde per punt van € 875. Daarbij heeft het Hof overwogen geen aanleiding te zien om belanghebbende een punt toe te kennen voor het incidentele hogerberoepschrift, omdat de gemachtigde van belanghebbende bij één geschrift zowel verweer heeft gevoerd als incidenteel hoger beroep heeft ingesteld. Bovendien is het incidentele hoger beroep slechts gegrond vanwege de onjuiste toepassing van het tarief voor de proceskostenvergoeding, aldus het Hof.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/718dabcf3bdb5d4c301f943cf11f476383d1b01a5be8978ea10902035f1e6cb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 718dabcf3bdb5d4c301f943cf11f476383d1b01a5be8978ea10902035f1e6cb3, en de alinea staat in dat document op bytes 11636 tot 12465.