Citaat | Hoge Raad 13 januari 2026

Onder 3.3.1 Hoge Raad 13 januari 2026

Een alinea uit Hoge Raad 13 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:33.

g. een andere persoon die ten tijde van de gebeurtenis in een zodanige nauwe persoonlijke relatie tot de overledene staat, dat uit de eisen van redelijkheid en billijkheid voortvloeit dat hij voor de toepassing van lid 3 als naaste wordt aangemerkt.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aa87e9ea9e9f4848d039796e78f023ed34f54fd1a2c3c75021fc41bf3fb436ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aa87e9ea9e9f4848d039796e78f023ed34f54fd1a2c3c75021fc41bf3fb436ab, en de alinea staat in dat document op bytes 31894 tot 32159.