Citaat | Hoge Raad 17 april 2026

Onder 2.1 Hoge Raad 17 april 2026

Een alinea uit Hoge Raad 17 april 2026, ECLI:NL:HR:2026:679.

“ overwegende , dat [betrokkene] wordt verdacht van: - Medeplichtigheid aan diefstal m. geweld in vereniging - verschaffen/behulpzaam, strafbaar gesteld bij artikel 312/1 Wetboek van Strafrecht, artikel 312/2/2 Wetboek van Strafrecht, artikel 310 Wetboek van Strafrecht, artikel 48/1 Wetboek van Strafrecht, artikel 48/2 Wetboek van Strafrecht, gepleegd te [plaats] op 2 november 2011: voor welk feit voorlopige hechtenis is toegelaten en ter zake waarvan verdachte door hem/haar, hulpofficier van justitie, is gehoord; overwegende , dat het ter zake ingestelde onderzoek nog niet is voltooid en het in het belang daarvan nodig is dat verdachte tijdens het onderzoek ter beschikking van justitie zal blijven; overwegende , dat het bestaan van deze grond blijkt uit de volgende omstandigheden: - de noodzaak van een (nader/verder) verhoor verdachte: - confrontatie van verdachte met getuigen en/of hun verklaringen; gezien de artikelen 57, 58, 59, 59a en 67 van het Wetboek van Strafvordering;”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd0639ca6ac2199373dfe8d06dcf300b303e82d54703bebe6d841d8eaf0eb929. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd0639ca6ac2199373dfe8d06dcf300b303e82d54703bebe6d841d8eaf0eb929, en de alinea staat in dat document op bytes 12037 tot 13260.