Citaat | Hoge Raad 12 juni 2026
Onder 3.2.2 Hoge Raad 12 juni 2026
Een alinea uit Hoge Raad 12 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:921.
Uit het in art. 4, aanhef en onder 14, AVG genoemde voorbeeld van een ‘gezichtsafbeelding’ zou afgeleid kunnen worden dat een foto waarop een gezicht van een persoon is afgebeeld, valt onder de definitie van biometrische gegevens. Uit de overige tekst van de bepaling, in verbinding gelezen met punt 51 van de considerans, blijkt evenwel dat de verwerking van een foto met een gezichtsafbeelding van een persoon slechts een verwerking van biometrische gegevens is, indien de foto voorwerp is van een specifieke technische verwerking met betrekking tot de fysieke, fysiologische of gedragsgerelateerde kenmerken van een natuurlijke persoon op grond waarvan eenduidige identificatie van die natuurlijke persoon mogelijk is of wordt bevestigd. De persoonsgegevens die het resultaat zijn van die specifieke technische verwerking zijn aan te merken als biometrische gegevens, zoals bijvoorbeeld een biometrische template van een gezicht dat met behulp van gezichtsherkenningstechnologie is gegenereerd op basis van een foto. De foto is dan te beschouwen als de bron waaruit biometrische gegevens kunnen worden afgeleid, maar is niet zelf een biometrisch gegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ff9916aca7c3eebccee86a9a6f569659699d9ee6de48fa01b3e1a147d0846ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ff9916aca7c3eebccee86a9a6f569659699d9ee6de48fa01b3e1a147d0846ef, en de alinea staat in dat document op bytes 23540 tot 24814.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9ff9916aca7c3eebccee86a9a6f569659699d9ee6de48fa01b3e1a147d0846ef | shasum -a 256