Citaat | Hoge Raad 12 juni 2026

Onder 3.5.2 Hoge Raad 12 juni 2026

Een alinea uit Hoge Raad 12 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:921.

Een instelling is op grond van art. 3 lid 1 in verbinding met art. 3 lid 5, aanhef en onder a en b, Wwft verplicht ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme een cliëntenonderzoek te verrichten bij (onder meer) het aangaan van een zakelijke relatie met de cliënt en het verrichten van een incidentele transactie ten behoeve van de cliënt van ten minste € 15.000. Deze verplichting vloeit voort uit de (gewijzigde) Europese vierde anti-witwasrichtlijn. Sinds de inwerkingtreding van de Implementatiewet vierde anti-witwasrichtlijn in 2018 dient de instelling bij eerste gelegenheid een nieuw cliëntenonderzoek te verrichten bij bestaande cliënten (art. 38 lid 1 Wwft).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ff9916aca7c3eebccee86a9a6f569659699d9ee6de48fa01b3e1a147d0846ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ff9916aca7c3eebccee86a9a6f569659699d9ee6de48fa01b3e1a147d0846ef, en de alinea staat in dat document op bytes 32184 tot 32888.