Citaat | Kantongerecht Utrecht 1 augustus 2001

Alinea 23 Kantongerecht Utrecht 1 augustus 2001

Een alinea uit Kantongerecht Utrecht 1 augustus 2001, ECLI:NL:KTGUTR:2001:AD5954.

[eiseres] voert aan dat zij op vrijdag 27 september 1996 ter gelegenheid van een zogenoemd happy hour op haar afdeling seksueel is geïntimideerd door haar manager [initiaal] in het bijzijn van negen mannelijke collegae. Op maandag 30 september 1996, toen [eiseres] weer is gaan werken, hoorde zij van een collega dat het incident van vrijdag uitgebreid en op hilarische wijze besproken werd door de mannen op de afdeling. [eiseres] voelde zich daardoor steeds nerveuzer en angstiger worden en is naar [initiaal] gegaan, die immers haar manager was, en heeft het incident van vrijdag met hem besproken. Daarna heeft [eiseres] besloten om naar huis te gaan. Toen [eiseres] huilend over de gang liep kwam zij nog twee mannelijke collegae tegen die haar nariepen. In de daaropvolgende dagen is een vervelende sfeer op de afdeling ontstaan. [eiseres] heeft zich toen ziek gemeld. De betrokken manager is ontslagen nadat een klachtencommissie dit incident heeft onderzocht en diverse medewerkers heeft gehoord. In deze periode van onderzoek door de commissie ontstonden bij [eiseres] klachten met slapeloosheid, problemen met de concentratie en angst. Op 28 oktober 1996 heeft [eiseres] haar werk hervat. De sfeer op de afdeling bleek veranderd en iedereen keek [eiseres] aan op het feit dat het onderzoek tegen de manager tot zijn ontslag had geleid en dat hierdoor de sfeer verpest was. [eiseres] is met ingang van 7 november 1996 overgeplaatst naar de vestiging in Houten. Aldaar is zij op 26 september 1997 opnieuw seksueel geïntimideerd door een andere medewerker. Begin 1998 is [eiseres] teruggeplaatst naar de vestiging in Nieuwegein. Zij werd daar geconfronteerd met schunnige grappen als zij mannelijke collegae op gang of trap tegenkwam. In overleg met de bedrijfsarts is besloten dat [eiseres] één dag per week minder zou gaan werken. [eiseres] stelt dat zij schade heeft geleden, onder andere bestaande uit kosten in verband met therapie en inkomensverlies zowel ten gevolge van de omstandigheid dat zij één dag minder is moeten gaan werken als ook doordat het loon thans niet meer wordt aangevuld tot 100%. [eiseres] baseert haar vordering op een kennelijk onredelijke beëindiging van de zijde van Getronics, (artikel 7:681 BW) en op het niet nakomen van de zorgplicht van de werkgever ingevolge artikel 7:658 BW en artikel 3 lid 2 van de Arbo-wet. [eiseres] vordert ƒ 50.000,-- althans een zodanig bedrag als in goede justitie redelijk en billijk wordt geacht c.a..

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1dbd7efdae87e24647035bcee4725e47849ecbb504486a8b53a356fe15134966. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1dbd7efdae87e24647035bcee4725e47849ecbb504486a8b53a356fe15134966, en de alinea staat in dat document op bytes 6935 tot 9429.